Yvonne Benschop

Hoogleraar bedrijfskunde, Radboud Universiteit, deelnemer CALL 8

Op een universiteit leer je heel veel, maar eigenlijk uitsluitend op het cognitieve vlak, vanaf de nek omhoog. Persoonlijke ontwikkeling wordt onderbelicht. Door de verbinding te leggen tussen het cognitieve en het emotionele, het fysieke en spirituele, heb ik deelname aan CALL ervaren als ‘voor je ziel zorgen’.

Eerst dacht ik: ik ben niet in staat om mezelf zes keer drie dagen vrij te maken voor een leiderschapsprogramma. Na de eerste module dacht ik: wat heerlijk, ik mag weer! Als je je te lang alleen richt op het cognitieve en de andere drie dimensies negeert, dan gaat er iets scheef groeien. Zo had ik moeite met de donkerder emoties. Ik werd daar, net als veel andere academici, eigenlijk een beetje bang van. Terwijl het voor een leidinggevende belangrijk is om je op dat vlak te ontwikkelen. Door CALL leerde ik dat inzien, en herkende ik het niet alleen bij mezelf, maar ook bij anderen.

Anders kijken

Nu bied ik meer ruimte aan emoties, door mensen te vragen hoe ze zich voelen bij bepaalde ontwikkelingen in hun werk en daar dan echt het gesprek over aan te gaan. Daarmee geef je mensen de ruimte om beter te reflecteren op wat ze doen. Daardoor gaan zij op hun beurt ook vaak betere keuzes maken, vanuit een breder perspectief. En de onderlinge werkrelaties worden er vollediger en plezieriger van. Vroeger dacht ik geen tijd te hebben voor emoties. Nu weet ik: het is vooral een kwestie van anders kijken.

Veilige setting

Het programma hakt er ongelofelijk in, in de positieve betekenis. Door gesprekken met hele scherpe psychoanalytici ga je pijlsnel de diepte in en krijg je nieuwe inzichten. Een van hen zei: ‘Ik kijk naar wat ik niet zie en ik luister naar wat ik niet hoor.’ Dat heeft veel indruk op me gemaakt, want daarmee was hij in staat om heel snel tot de kern door te dringen. Ik heb er flink gehuild, en ik huilde eigenlijk zelden. ‘Oude tranen’, werden dat genoemd, en dat klopt ook wel. Wanneer je altijd maar doordendert, neem je niet de tijd om stil te staan bij verdriet en verlies. In de veilige setting van CALL kunnen die emoties loskomen. Je hoeft dan niet precies te achterhalen waar die gevoelens vandaan komen. Stromen is stromen.

De spirituele dimensie staat voor mij nog altijd wat meer op afstand. Daar heb ik binnen CALL ook niet echt verbinding mee gemaakt. Tijdens het programma werd meditatie aangeboden, maar daar was ik op dat moment nog echt niet aan toe. Het was veel te onrustig in mijn hoofd. Voor mij is spiritualiteit vooral: onderdeel zijn van een groter geheel.

Net op tijd

Op het fysieke vlak heb ik leren kijken naar: hoe zit ik er eigenlijk bij? Waar zit spanning in mijn lichaam en kan ik dat ook loslaten? Ik denk dat ik jarenlang met opgetrokken schouders gelopen heb, zonder dat ik me dat bewust was. Ik leed heel erg aan het sterkevrouwensyndroom: altijd maar door blijven gaan. Wat dat betreft kwam CALL net op tijd. Als ik niet geleerd had om opener te zijn, om hulp te vragen, en juist de zachte kracht te waarderen en te laten zien, dan had ik het jaar erna echt een probleem gehad. Al met al maakt CALL je een betere leidinggevende.

Terug naar overzicht